Suïcidaliteit roept bij velen waarschijnlijk dramatische associaties op omdat het een thema is dat nog steeds taboe is. De idee om hierover te schrijven komt vooral voort uit mijn fascinatie voor de dood en de teamvergaderingen die ik tijdens mijn stage op een afdeling met voornamelijk borderline-patiënten bijwoonde. Hierbij werd ik telkens overdonderd door het groot aantal suïcidale borderline-patiënten. Dit inspireerde mij om eens uit te zoeken welke betekenis de dood heeft, naar wat borderline-patiënten verlangen, welke motieven hen ertoe aanzetten om over te gaan tot de suïcide(poging) en hoe dit tot uiting komt in de muziektherapie.
"In het licht van de duisternis", de titel van deze eindverhandeling, spreekt tot de verbeelding van de lezer door de afwezigheid van een concrete betekenis. Het fascinerende van de dood is juist het mysterieuze, het ondefinieerbare omdat men van de dood geen voorstelling kan maken. Ieder subject heeft zijn eigen fantasma van de dood, dat dikwijls in de plaats komt voor de angst die men heeft voor de onwetendheid van wat er na het leven zal gebeuren. Over dit onbekende bestaan tal van fantasma's die juist zo boeiend zijn omdat ze zeer persoonlijk getint zijn en waaruit het verlangen naar de dood verklaard kan worden. Uit de meeste fantasma's blijkt dat men onbewust gelooft in de eigen onsterfelijkheid. Men denkt het dood-zijn te zullen beleven. Vanuit dit fantasma kunnen veel suïcides toegelicht worden, o.a. bij borderline-patiënten die pogen een nieuw leven te vinden in de dood, dan de dood in de dood. Zij trachten het gemis dat zij hebben ervaren in de band met de moeder, doordat de moeder het kind in de steek heeft gelaten, te herstellen. De angst voor separatie en autonomie weerspiegelt zich in het fantasma van het verlangen naar de moederschoot, naar de absolute rust. Daarnaast bestaan er nog andere motieven voor het plegen van suïcide zoals de agressie die gericht is op zichzelf. Specifiek bij borderline-patiënten is de vraag naar aandacht die onverzadigbaar is. Op een exclusieve manier, door een manipulatieve zelfmoord, geeft men het signaal dat er te weinig naar hen wordt omgekeken. De repetitieve suïcidepogingen creëren voor hen vaak een manier van leven.
Vertrekkend vanuit het gegeven dat de dood onvoorstelbaar is, zoals Freud de dood definieert, zien we dat de dood veel gelijkenissen vertoont met muziek. Het gaat erom dat het subject uit de wereld van betekenissen wordt gehaald, en teruggaat naar het initieel begin, alsof er nooit iets gedacht is. De muziek betekent niets, drukt niets uit en probeert ons nergens van te overtuigen. Hierbij komt het erop neer dat men van muziek geen voorstelling kan maken, daarom is muziek iets dat zich moet herhalen. Net zoals Freud de doodsdrift situeert op het niveau van de herhaling. De kracht van de doodsdrift schuilt in het losmaken van het imaginaire, van alles wat gesymboliseerd is. De dood kan niet anders dan aan de betekenisproductie ontsnappen.
Juist dat initieel begin, het moment van desubjectivering, is een traumatisch moment omdat het zich voor de eerste keer voltrekt. Die gedesubjectiveerde positie, waarin er geen verinnerlijking, geen subject tot stand komt, wordt opgeroepen door repetitieve muziek. Deze muziek gaat in tegen de bereidheid om te verliezen. De dood is zeer nabij op het moment dat muziek een extatisch fenomeen wordt omdat deze muziek verlies niet aanvaardt. Dit aspect van de dood wordt weergegeven in het eerste praktijkvoorbeeld waarin er slechts één sessie wordt besproken van een groep die, onder invloed van de doodsgedachten van één groepslid, op een repetitieve manier improviseert. Het thema van de dood staat centraal tijdens deze improvisatie.
Door de ontbindende kracht, het weghalen van gevoelens en gedachten, wordt de doodsdrift meestal verbonden met destructiviteit. Het tweede praktijkvoorbeeld, waarin het proces van Lize besproken wordt aan de hand van een elftal groepssessies, sluit bij deze gedachte aan. Het blijven hanteren van de specifieke afweermechanismen, eigen aan de borderline-pathologie, en haar suïcidepogingen staan een symboliseringsproces in de weg. De suïcidale handelingen hebben als doel het psychisch evenwicht te behouden. Maar aan de andere kant kan er door die ontbindende kracht ook iets nieuws ontstaan, namelijk creativiteit. Er kan zich een vorm ontwikkelen uit het gedesubjectiveerde van het Nirwana, wat Freud en Lacan benadrukken als het positieve aspect van de doodsdrift. Bij borderline-patiënten komt dit zelden voor omdat gezien hun pathologie er een beperking gelegd wordt op wat creativiteit zou kunnen zijn.
Het mentaal verwerken van iets is niet evident voor borderline-patiënten. Ze houden zich vast aan bepaalde patronen waarin ze reeds van in hun kindertijd zijn vastgelopen. Er worden dingen niet toegelaten in het psychisme, het gaat om de pure presentie, het 'doen'. Hier kunnen we de suïcidepogingen situeren die een spanningsafvoerend effect hebben en waarbij ondraaglijke aspecten worden geëvacueerd. Doordat muziek zich situeert op het lichamelijk niveau, kan muziektherapie een ingangspoort zijn om de impulsen en fantasieën van borderline-patiënten meteen om te zetten in handelingen, maar zolang er gebruik gemaakt wordt van de afweermanoeuvres kan er geen vorm ontstaan en is er geen vertrouwen.